Door Mariette Bakkenist

Liesbeth en
Henri weg;

waarom ook niet?

We weten natuurlijk heel goed wat we aan Liesbeth Sinke en Henri Boer gaan missen, nu zij besloten hebben om te stoppen in hun huidige rollen. Om onze teleurstelling te verbergen, is het misschien goed om samen met hen hun besluit van een andere kant te bekijken. Liesbeth en Henri verlaten hun werkomgeving; ach, waarom ook niet?

Wat is er niet erg aan het neerleggen van jouw functie bij MN?

Liesbeth: ‘Het scheelt een flinke duit in de CO2-uitstoot. Althans, als er voor mij een vervanger komt die dichterbij woont. Iedere dag heen en weer vanuit België is niet niks.’


Henri: ‘Niemand is onmisbaar en dat is een fijne gedachte: zowel voor mijzelf als voor MN. De omslag kwam van de zomer. Ergens op een eilandje voor de kust van Belize groeide het besef dat je niet in een rol moet blijven zitten die te weinig energie geeft. Dat bedenk je niet van het ene op het andere moment. Water kookt ook niet in één keer. De brede benadering en verantwoordelijkheid waren mooi, maar inmiddels sta ik te trappelen om de inhoud weer in te duiken. En ik neem met een gerust hart afscheid. Bij Pensioenen en Verzekeren zitten goede mensen, met een goede nieuwe voorzitter. Ik was maar een pion in het geheel. Het huis blijft wel staan.’

‘Die stink-luchtverfrissers op het toilet;
ik kan wel zonder’

Wat ga jij zeker niet missen aan de werkomgeving die je verlaat?

Henri: ‘Mijn groeiende twijfels over mijn rol binnen die werkomgeving. Ik ben positief ingesteld, maar MN is actief in een complexe omgeving waarin het soms moeizaam gaat. Dan heb je optimisme nodig; oprechte overtuiging dat het goed gaat komen. Maar als je in je rol zit zonder glimlach en geloof, moet je ook niet naïef doen. Trek dan je conclusies.’


Liesbeth: ‘De automatische douche als je uit het toilet komt. Die stink-luchtverfrissers die je op je hoofd krijgt. Daar kan ik wel zonder. Ik heb altijd het idee dat iedereen het daarna ook ruikt. En als je vervolgens gaat lunchen, smaakt het ook allemaal net iets minder.’

Welke laatste aanrader van jou mogen wij niet negeren?

Liesbeth: ‘De bureaufietsen! Ik durf te zeggen dat ik de enige was die ‘m altijd gebruikte; iedere dag 30 tot 90 minuten. Ik ben natuurlijk heel vroeg, zo rond kwart voor acht. De eerste vergaderingen beginnen om negen uur, dus prima om vooraf een boterhammetje en koffie te nemen en tussendoor lekker te trappen. Ik zou ‘m graag zelf meenemen, maar liever hoop ik dat het gebruik ervan toeneemt.’

Waar hoef je niet aan herinnerd te worden?

Henri: ‘MN3.0 is dus typisch iets waar we het niet nog een keer over hoeven hebben. Het is toch al flink wat jaartjes geleden, maar mensen praten erover alsof het gister is. Ik geloof dat je vooruit moet kijken. Vernieuwing van pensioenen is een doorlopend thema. Een deel is gelukt, een deel ook niet.’


Liesbeth: ‘Daar kan ik kort over zijn: de hoofdstuk 1-bevindingen. … En daarmee is ook alles gezegd.’

Met welk afscheidscadeau maken we je niet blij?

Henri: ‘Drank. Het ligt natuurlijk voor de hand om een flesje te geven. Maar ik drink niet veel want het is niet goed voor mijn gezondheid. Ik zeg niet dat ‘t naar nul gaat, maar ik wil wel matigen. Mocht iemand me nou tóch een flesje geven; het is een ideaal doorgeefcadeau. Haha!’


Liesbeth: ‘Een slagroomtaart. Een hoop gebakken lucht en niet lekker. Bovendien kan ik niet tegen room. Liever een glaasje champagne!’

Wat gaan wij niet missen aan jou?

Liesbeth: ‘Mijn driftige stapjes en drukke ge-ren over de gangen. Iedereen herkent mijn loopje. In ieder geval de mensen die bij mij op de afdeling zitten. En nog iets: de lunch komt bij mij altijd voor 12:00 uur, omdat ik het anders niet meer houd. Ik denk dat mijn collega’s daar wel zonder kunnen.’

‘Houd de blik naar voren!
En luister naar je eigen gevoel’

Is er nog iets dat je niet kunt laten om tegen alle MN’ers te zeggen?

Henri: ‘Houd de blik naar voren! Ik hoop dat iedereen naar zijn eigen hart en gevoel luistert en daar invulling aan geeft. Ik besef dat omstandigheden verschillen en dat niet iedereen zijn situatie in een oogwenk kan aanpassen. Maar op lange termijn kun je niet voorbijgaan aan je eigen gevoel. En kijk naar de bal, niet naar de mensen. Niet praten over de ander, maar praten over wat we met elkaar bereiken.’


Liesbeth: ‘Houd koers! En houd vol! Blijf verwonderen en blijf proberen. Blijf weg van ergernis. Word niet sceptisch en gelaten. Je doet het niet alleen voor MN maar ook voor jezelf. Als je zelf plezier hebt, dan heeft MN ook plezier van jou. Geef jezelf en MN de kans om het nog beter te doen dan dat het nu is.’